Leven is bijzonder, maar ook vreemd. Je komt met niets ter wereld, brengt je hele leven door met het najagen van alles en vertrekt toch met niets uit deze wereld. Een gouden tip: zorg ervoor dat je hart meer wint dan je handen. Want we komen met lege handen op deze wereld en op een dag verlaten we de wereld op dezelfde manier: met lege handen. Tussen begin en einde zijn veel mensen bezig om meer geld te verdienen, meer bezittingen, meer status, meer erkenning, meer, meer. En hoewel er niets mis is met succes, vergeten we gemakkelijk dat de dingen die we hebben vergankelijke dingen zijn. Op het einde is de grootte van je huis minder belangrijk dan de liefde die het vulde. Het geld op je bankrekening is minder belangrijk dan de vriendelijkheid in je hart. De titels die je verworven hebt zijn minder belangrijk dan de mensen die je hebt geholpen. Als het laatste hoofdstuk van je leven geschreven is, herinneren mensen niet wat je had, maar wie je was. Heb je echt liefgehad? Heb je anderen geholpen? Ben je trouw gebleven aan je geloof? Heb je de mensen beter achtergelaten dan je ze aantrof? Dat zijn de schatten die je leven overleven. Dus werk hard, droom groot, bouw een goed leven, maar wees niet zo druk bezig met het laten groeien van je rijkdom dat je je geloof en karakter verwaarloost. Voed je geest met gebed, bescherm je vrede, versterk je liefde door het contact met de Lieve Heer, koester je relaties, want een mens kan de hele wereld winnen en zich van binnen toch leeg voelen. Zorg er vooral voor dat je hart groeit. Aan het einde van je levensreis is het belangrijker wat je bent geworden dan wat je bezat.
Karel Loodts, pastoor





