In de tijd dat Jezus hier op aarde rondliep, stonden de Farizeeën en Schriftgeleerden op de eerste rij toen ze Jezus zagen. Ze zagen blinden het gezichtsvermogen terugkrijgen, ze zagen lammen lopen, ze zagen melaatsen gereinigd worden, ze zagen demonen uitgedreven worden, ze zagen doden opstaan. En wat was hun reactie? Vele Farizeeën en Schriftgeleerden aanbaden Jezus niet en wilden Hem uit de weg ruimen, doden. De kwestie was niet of Jezus genoeg wonderen deed. De kwestie was: wat deden ze met wat ze zagen en de Waarheid en het Leven dat recht vóór hen stond.
We denken soms: Als ik Jezus met mijn eigen ogen zou kunnen horen en wonderen zou kunnen zien, dan zou ik geloven. Maar… de Farizeeën en Schriftgeleerden zagen Hem, hoorden Hem, zagen zijn goddelijke macht en kracht, en zagen dat wat de oude profeten voorspeld hadden voor hun ogen gebeurde… En toch verwierpen velen van hen Jezus. Waarom? Omdat ongeloof niet een bewijsprobleem is. Ongeloof is een hartprobleem. Het menselijk hart kan bijna alles wegverklaren waar het zich niet aan wil overgeven. Er is genoeg licht voor mensen die ‘willen’ geloven, en er is te weinig licht voor mensen die ‘niet willen’ geloven… Daarom zei Jezus: je weigert naar Mij te komen zodat je het Leven zou hebben. Merk op wat Hij niet zei. Hij zei niet dat het hen aan bewijs ontbrak. Hij zei: je weigert te komen, je wil niet.
De Farizeeën en Schriftgeleerden laten iets zien dat ons allemaal nederig zou moeten maken. Iemand kan de Bijbel kennen van voor naar achter en van achter naar voor, iemand kan wonderen zien, spiritueel zijn, en toch Christus voorbijlopen. Het antwoord is niet méér wetenschap, het antwoord is het persoonlijk contact met Jezus Christus in gebed en Sacramenten (Communie). Het grootste wonder is niet dat een blinde geneest. Het grootste wonder is dat een hart, dat tot het Leven ‘wil’ komen, door God tot leven wordt gewekt.
Pastoor Karel Loodts





